Artist-in-residency

ARTIST-IN-RESIDENCY WZC DAGERAAD

 

Met steun van de Vlaamse overheid ontwikkelde en verfijnde ik gedurende een jaar mijn creative aging-praktijk via wekelijkse vertelsessies met bewoners van woonzorgcentrum Dageraad in Antwerpen (maart 2025-februari 2026). Tijdens die sessies maakte ik gebruik van dramatechnieken om de kunstzinnigheid van de zorgbehoevende ouderen te activeren en werelden te creëren waarin zij zelf beslissingen kunnen nemen, keuzes maken en eigenaarschap ontwikkelen, in een levensfase waarin ze steeds afhankelijker (lijken te) worden van anderen.

 

Wat u hier leest is mijn logboek in een vorm van ethnographic storytelling: korte verhalen waarin ik mijn waarnemingen deel, gericht op het vastleggen van affectieve momenten.

#35

*** KARAKTERKOPPEN ***

Dankzij Lies Vandeburie konden de bewoners en ik vandaag aan de slag met afbeeldingen van de bronzen karakterkoppen van Franz Xaver Messerschmidt: wat een cadeau! De spontane reacties bij het uitdelen van de prenten spraken boekdelen: van imitaties en gegniffel tot kleine dialogen met buurman of -vrouw en verontwaardiging, detailstudie of vragenstellen.

 

We kozen twee figuren om ons verhaal mee te starten: de ene werd Jef Désiré gedoopt (een man van 50) en de andere William (een jonge kerel van 18 à 20 jaar). Ze waren buren en spraken dagelijks af aan de voordeur voor een babbeltje. Elke dag vertelde William een sappige mop die Jef Désiré deed schateren van het lachen. Sidonie, de groottante bij wie William inwoonde, vond het geen manieren hebben: al dat lawaai op de straat. Ze verbood William nog langer af te spreken met Jef Désiré, die met de dag droeviger werd nu de sappige moppen hem ontzegd werden. Hij trachtte Sidonie te vermurwen, maar zonder succes. Tot William erin slaagde te ontsnappen en Jef Désiré meenam naar een volkscafeetje in de buurt waar ze hun hart ophaalden.

In een tweede ronde voegde de bewoners er verhaallijntjes aan toe: Jos sprak over pater Emmanuel, bij wie Sidonie te rade ging, die meewarig met zijn hoofd schudde en haar trachtte te sussen over zoiets onschuldigs. Irene gaf William een zus, Wiske, die de moppen van haar broer intussen door en door kende, maar nog steeds moest glimlachen als ze de bulderende lach van Jef Désiré hoorde bij elk grap.

 

We genoten zoals steeds van ons samenzijn en van de verbeelding die geprikkeld werd. En dat leverde weer een nieuw verhaal op waaraan iedereen zijn of haar vertelsteentje bijdroeg. Het lijkt intussen even uitzonderlijk als gewoon…

#34

*** IEDEREEN KAN GELUK GEBRUIKEN ***

We kwamen overeen dat ik vandaag in ons verhaal Jef, de (fictieve) kersverse directeur van wzc Dageraad, zou representeren. Jef kende nog niet alle bewoners en dus stelden ze zichzelf één voor één voor. Frieda moest er even om giechelen, maar herpakte zich snel en zei dat ze hier al jàren woonde. En meteen vielen haar medebewoners in: “Ik al 10 jaar! (…) Ik al 4 jaar en half (…) Ik een paar maanden”. Ik - Jef dus - was net mijn eerste week ingegaan. Ik vertelde dat ik bij het wegbrengen van oude dossiers van mijn voorganger naar de kelder een doos vond die mijn aandacht trok. Ik plaatste ze voorzichtig op de tafel. “Wat zit erin?”, vroeg Jos nieuwsgierig, “koekskes?”. “Nee, chocolaatjes”, hoopte Eugène. De doos werd doorgegeven en de bewoners schrokken van het gewicht. “Dat kunnen geen koekskes zijn”, zei Nicole stellig, “die zouden nogal zwaar op de maag liggen!”

Op de doos kleefde een briefje. “GELUKSTEKENS”, las Frieda luidop voor.

De doos ging open en elke bewoner doorzocht de schat: een ruime verzameling oude medailles, munten en heiligensieraden vulden de tafel. Als directeur riep ik de hulp en ervaring van de bewoners in: wat voor betekenis konden die hangertjes hebben? Wie zou ze gedragen hebben? En waar? Wanneer? Waarom?

Er ontstonden verhalen over troost, bescherming, herinnering, moed…

“Ze zijn best oud”, zei ik, “die medailles. Zouden ze vandaag nog iets kunnen betekenen voor iemand?”.

“Iederéén kan geluk gebruiken”, opperde Frieda, en vervolgens dichtten de bewoners de gelukstekens toe aan mensen die ze kenden die ziek zijn, eenzaam, droevig of arm, aan reizigers en autobestuurders, aan muzikanten, kinderen en medebewoners.

“En jullie? Kunnen jullie ook een geluksteken gebruiken?”, vroeg ik.

En toen werd het stil. Ze leken verrast door mijn vraag.

Ik nodigde de bewoners uit een medaille uit te kiezen voor zichzelf. Voor een geluk(ske) - groot of klein - dat ze zichzelf toewensen. Ze hoefden niet te zeggen wat. Een geluksteken om te houden.

En zo werden de bewoners van wzc Dageraad vandaag ‘de Bewaarders van de Kleine Gelukstekens’, een team dat nog eerder het geluk aan anderen dan aan zichzelf zou gunnen.

#33

*** DAT IS HIER REALITEIT! ***

We begonnen vandaag in mineur. De bewoners deelden me mee dat Georgette was overleden. “Morgen wordt ze begraven”, zei Kadisha gelaten. Stilte. Onze afspraak op dinsdagochtend was vaste prik voor Georgette. Ze miste niet één sessie, ook al kon ze fysiek moeilijk actief deelnemen en liet haar adem het niet toe om veel te praten. Maar ze genoot, in stilte. Ik weet zeker dat ze dat ook vandaag zou gedaan hebben…

 

De bewoners ontpopten zich tot een team van bemiddelaars. Ze ontwierpen een ‘community garden’ die gedeeld werd door bewoners van een appartementsgebouw, van sociale woningen, van een woonzorgcentrum, én door een tuinbouwschool. In een mum van tijd ontstonden er volkstuintjes, een speeltuin, een parkcafé met groot terras, drie sportvelden en een ruim park om in te wandelen. Ze vonden er allerlei spullen in terug die er rondslingerden… Op een dag was de tuin plots afgesloten met rood/wit lint. Wat was er gebeurd? Er werd gespeculeerd over ruzies, een moord, werken aan de tuin, drugs, een helikoptercrash, een verkaveling… Gek genoeg triggerde dat laatste de bewoners nog het meest om hun verhaal voort te zetten: de sportvelden werden verkaveld - zo besloten ze - om extra sociale woningen te bouwen, wat op groot protest stootte van de lokale gemeenschap. En toen was ons team van bemiddelaars aan zet! Nicole belde met de burgemeester en organiseerde een gesprek met alle betrokkenen. De buurtbewoners gingen akkoord om twee van de drie sportvelden af te staan (“er is nu eenmaal een gebrek aan sociale woningen”, gaven ze toe). En de burgemeester beloofde een gratis jaarabonnement voor het sportcomplex aan de andere kant van de stad.

 











“Ze zouden jullie moeten inhuren in de stad”, suggereerde ik: “zo snel dat er een oplossing uit de bus komt”. “Ja, dat is waar” antwoordde Nicole, “misschien zou dat in de realiteit iets langer duren.” “Maar dat ís hier realiteit,” protesteerde Jos. En hij haalde de bomenkap in Deurne aan. En de volkstuintjes in Berchem, naast de sporen, die verkaveld werden. Er leek nog veel werk weggelegd voor het team van bemiddelaars. Maar dat zou voor een andere dinsdagochtend zijn…

#32

*** IK HAAL DE POLITIE ERBIJ! ***

Het begon met een stoffen zak die op een bolletje op de grond lag.

“Een zak erwtjes?” vroeg Fientje zich af. “Nee, ne zak rommel”

antwoordde Justine kordaat. We analyseerden de vorm, de kleur,

het materiaal, en even later ook het geluid toen ik de zak in mijn handen

bewoog. De nieuwsgierigheid groeide. Het werd spannend toen ik de zak

liet rondgaan en eenieder er zijn hand mocht instoppen en er iets mocht

uithalen. De spelende mens werd geactiveerd. Ze verstopten voor elkaar

wat ze eruit haalden en hadden er plezier in vóór de anderen te ontdekken

wat het was. Een speelgoedautootje!

Al snel ontstonden er eigenaars van die auto’s: een hovenier met zijn laadtruck, een koppel met vier kinderen, een jonge rijke gast met een racewagen (“geërfd van zijn vader!”), een Engelse buschauffeur, een brandweervrouw… Eén ding hadden ze gemeen: ze stonden geblokkeerd op dezelfde parking. De in- en uitrit was afgesloten door actievoerders.

Waarom, in ’s hemelsnaam?

We tekenden een plan en ontwierpen samen een shopping center, een school, een bos en een appartementsgebouw rond de parking. Reden genoeg tot overlast: vervuilende uitlaatgassen, ouders die stationeren voor de schoolpoort, racers op de parking, te weinig parkeerplaatsen, noem maar op.

Hoe zouden de bewoners die problemen oplossen?

Met de actievoerders konden ze zich aanvankelijk moeilijk identificeren. Die zorgden alleen maar voor overlast. Tot ik zelf een actievoerder representeerde die in gesprek ging met Jos, die zichzelf tot eigenaar van de parking doopte. “Ik haal er de politie bij, meneer!” slingerde hij naar mijn hoofd, “ze mogen u oppakken”. “Uw parking is levensgevaarlijk”, wierp ik tegen. We hielden een geanimeerde discussie en de andere bewoners droegen hun steentje bij. Er groeide consensus dat er een oplossing moest gezocht worden. “We moeten een ondergrondse parking maken”, suggereerde Fientje, “en bovengronds alleen nog plaats voor ouders die hun kinderen komen afzetten of ophalen aan de school. En voor de rest wat meer groen.” Allemaal goed en wel, maar wie gaat dat betalen? “De belastingbetaler”, zei Jos snel als eigenaar. We kregen hem zover om toch ook een flinke duit in het zakje te doen. Hij tekende het contract in de lucht en daarmee was de kous af. De actievoerders trokken zich terug en de auto’s konden weer vertrekken. Bij het verlaten van de parking werden ze nog geïnterviewd door een radioreporter. Daaruit bleek dat het begrip voor de actievoerders flink gegroeid was. Alleen Jos bleef met een dubbel gevoel zitten. “Ik heb toch wat te vlug getekend, denk ik”, zei hij. De glimlach in zijn ogen verraadde vooral dat hij zijn rol van eigenaar best nog wat langer had willen opnemen…

 

#31

*** MUSEUM E! ***

Vandaag mocht ik komen kijken bij een collega. Anneleen Hendrickx leidt Museum E! in wzc Immaculata in Edegem, waarbij de ‘E’ staat voor Ervaren: het beleven van kunst. Recent kwamen twee kunstenaars, verbonden aan het Modemuseum van Antwerpen, werken met de bewoners rond kleding, mode, ontwerp, textiel, handwerk… Met de creaties van de bewoners maakten ze een installatie die vandaag uitnodigde tot gesprek. Het was prachtig, verrassend, inspirerend, confronterend, hilarisch en ontroerend om te mogen aanschouwen wat deze kunst teweegbracht; hoe de bewoners ermee in interactie gingen en wat ze opriep. Justine begon spontaan een babietje te wiegen met één van de objecten, Hubert filosofeerde over de betekenis van kunst, en Anneleen bracht deskundig ‘teken’ en ‘be-teken-is’ met elkaar in verbinding. Het ontlokte gesprekken over diversiteit, afhankelijkheid, macht, schoonheid, gender(on)gelijkheid, waarde en compositie.

Eric Booth schreef in ‘Verandering Teweegbrengen’ over het verschil tussen entertainment en kunst: “Kunst speelt zich af buiten wat we al kennen. Inherent aan de artistieke ervaring is het vermogen om onze ervaring uit te breiden buiten wat we weten om een nieuw gevoel te creëren van hoe de wereld is of zou kunnen zijn (…) Voor het creëren van een nieuw gevoel van hoe de wereld is of zou kunnen zijn is verbeeldingskracht nodig: het is een creatieve daad. Er is kunstzinnigheid voor nodig.” (2024:70)

Ik ben zo dankbaar dat ik vandaag getuige mocht zijn van hoe deze teaching artist precies weet hoe ze die kunstzinnigheid kan activeren, en van de meerwaarde daarvan voor de deelnemers.

 

#30

*** HET ARCHIEF VAN VERLOREN VERHALEN #2 ***

Het onweer van gisteren had weer flink huisgehouden in het archief van verloren verhalen. Objecten die hun geheimen nog moesten prijsgeven, spoelden weg of raakten beschadigd door de storm. Als archivaris had ik nog enkele voorwerpen kunnen redden waarmee de bewoners aan de slag gingen als ‘Herstellers van Herinneringen’.

 

Er ontstonden verhalen over moeder Lea met haar sleutelbos, over de allereerste elektrische Singer naaimachine, over de lievelingstegel van Oscar de ‘vloerder’, over het kristallen ornament van de antieke kast van begrafenisondernemer Raymaekers, en over de verloren talisman van de jonge Viktor.

 

Maar één verhaal oversteeg de verbeelding. Het riep de levendige herinnering op van Maria

aan haar moeder Jeanne, die ze als kind dagelijks aan de koffiemolen had zien draaien.

Jeanne hield van haar bakje troost en stond erom bekend een smakelijke kan te brouwen.

In die mate zelfs dat Maria bij het overlijden van haar moeder de koffiemolen een ereplaatsje

gaf op haar graf. “Met roosjes erin geplant”, voegde Maria er met een brede glimlach aan toe.

Het deed haar duidelijk deugd dat dit verhaal over Jeanne niet verloren ging, dat ze de

herinnering weer even had kunnen herstellen…

 

#29

*** HET ARCHIEF VAN VERLOREN VERHALEN #1 ***

De bewoners van wzc Dageraad werden vandaag gecast als ‘Herstellers van Herinneringen’. Een grote storm beschadigde het Archief van Verloren Verhalen: een verzameling artefacten waarvan de verhalen die erachter schuilgaan nog niet werden opgetekend. Door het noodweer zijn er heel wat voorwerpen beschadigd, uitgewist of weggespoeld. Als archivaris bracht ik mee wat er nog te redden viel. Aan de Herstellers van Herinneringen om de verhalen te reconstrueren, zodat ze voorgoed bewaard kunnen worden voor het nageslacht in het grote Boek van Herinneringen…

 

Met zorg en aandacht bestudeerde het team de objecten en herstelde 4 unieke verhalen:

  • dat van Alfa de ontdekkingsreiziger, die zich liet meedrijven door stroming en wind op een stuurloos vlot en zo ’Nieuwland’ ontdekte. Hij vond echter nooit meer zijn weg terug…
  • dat van Jos Schildermans, een stukadoor van 35, die gebeld werd op het werk door zijn hoogzwangere vrouw dat haar water gebroken was. Jos liet zijn plamuurmes ter plekke uit zijn hand vallen om zich naar het ziekenhuis te haasten. Luttele momenten later was hij de trotse vader van een gezonde dochter: Frieda.
  • dat van Bobbejaan Schoepen die een liedje opnam op een muziekcassette en dat doorstuurde naar de radio in de hoop dat ze het zouden spelen. Het werd opgepikt en zo werd “Ik zie zo gere mijn duivenkot” een wereldhit in Vlaanderen.
  • dat van een Japanse Samoerai die steeds een masker droeg om zijn tegenstanders te imponeren tijdens gevechten. Het gaf hem zoveel zelfvertrouwen dat hij dacht ook wel zonder masker de strijd te kunnen aangaan. Maar dat ene maskerloze gevecht werd hem fataal.

 

En zo passeerden drama, huiselijkheid, meezingen, geluk en avontuur weer de revue in wzc Dageraad. Het Boek van Herinneringen is nog niet gevuld, maar de Herstellers schoten toch al een aardig eindje op!

 

#28

*** DIE BLIJFT BIJ MIJ! ***

Ondanks de hitte was het een speelse en actieve sessie in woonzorgcentrum Dageraad. We rekten en strekten ons en verzonnen metaforen voor bewegingen die we elkaar lieten nadoen. Op de tonen van The Drifters, Presley en The Mama’s & The Papa’s hingen we de was op, roerden we in potten, vingen we een grote vis, pelden we een sinaasappel, schopten we de schillen ervan weg, lieten we het regenen, enzovoort.

 

In plaats van één groot verhaal verzonnen de bewoners vandaag individuele

verhalen vanuit een Playmobilfiguurtje dat ze uit een speelgoedtasje van onze

Stig, mijn zoontje van 4,  opvisten. Al gauw maakten we kennis met Conchita,

het Zuid-Amerikaanse tienermeisje met een slecht rapport dat haar ouders

onder ogen moest komen; Johnny, de 22-jarige metser die het niet zag zitten

om aan de slag te gaan in deze hitte; Axel, de verkeersagent die bijna zelf

bezweek onder de drukte en de agressie in het verkeer; Leo, een

gepensioneerde schrijnwerker die niets liever deed dan op restaurant gaan

en zo dik werd dat hij nauwelijks nog op zijn benen kon staan; en vele anderen.

Problemen werden opgelost, verhalen vonden een bevredigend einde en

poppetjes werden terug ingeleverd. “Die blijft bij mij!”, zei Maria gedecideerd

toen ik bij haar kwam met het speelgoedtasje. Haar Playmobilfiguurtje

representeerde haar tweede man: “84 is hij en hij belt mij alle dagen.

Wij hebben het goed samen”.

“Hou hem dan maar dicht bij u”, zei ik, en ze klemde hem tegen haar borst met een guitige glimlach.

 

Ik maak me sterk dat onze Stig wel zal begrijpen dat Jef beter bij zijn Maria bleef…

 

#27

*** ANIMO SPEELGOEDCOMPAGNIE ***

De bewoners van wzc Dageraad werden vandaag gecast als een team van uitvinders en bedenkers van spellen en speelgoed. Vanuit hun persoonlijke herinneringen vertegenwoordigden ze al snel de breinen achter de bal, de poppenkast, magnetisch speelgoed, het springtouw, het schaakspel, Playmobil, de elektrische trein van Lego, de ‘pitjesbak’, het spel ‘verstoppertje’, de Smurfen en het kleurpotlood. De CEO van Animo Speelgoedcompagnie engageerde hen om een spelkoffer te ontwerpen voor kinderen in armoede van over de hele wereld. Het speelgoed moest wel voldoen aan 3 voorwaarden:


  • Duurzaam
  • Origineel en uitdagend
  • Veilig



Nadat het team voor zichzelf een naam bedacht (EUREKA!) en een logo (een kind dat in de lucht springt), gingen ze aan de slag! Ze stonden stil bij de benodigde materialen, de financiering, publiciteit, verspreiding, vervoer… Naast enkele gekende spellen bedachten ze ook een plooibare hoelahoep (zodat de koffer niet té groot werd) en biologisch afbreekbare ballonnen. Ze hielden rekening met denk- en doespellen en met zowel individuele als groepsspelen. Het spelkoffer-project werd zo’n succes dat het EUREKA-team de Unicef Award won ter waarde van 100.000€. Die besloten de teamleden, na democratische stemming, te investeren in een speeltuin voor lokale kinderen. Acting locally, sharing globally. Zoiets?


#26

*** ONTROERD DOOR A.I. ***

Voor we van start gingen, legde Jos twee kleine cadeautjes op de tafel waaraan alle bewoners net hadden aangeschoven. We wisselden nieuwsgierige blikken uit. Hij was jarig vandaag en bracht snoeperij mee: twee klompen marsepein waarvan iedereen mee mocht smullen. Hij leek Sinterklaas wel! Er werd gelachen en gezongen voor de 78ste verjaardag van onze ‘goedheiligman’, en daarna gingen we over tot de orde van de dag: het verkennen van een nieuwe imaginaire wereld. Daarin ontvingen de bewoners een brief van Elvira Van den Eynde, een jonge studente van de schrijfacademie, die hun hulp inriep bij het creëren van een personage voor een kortverhaal dat ze wilde schrijven. Nog voordat Jos klaar was met het voorlezen van de brief klonk er al een paar keer een enthousiaste ‘ja!’ van verschillende bewoners. Met hun ervaring van de afgelopen weken/maanden in het bedenken van fictieve personages mocht dat geen probleem zijn. Temeer omdat het hoofdpersonage dat Elvira voor ogen had een bewoner van een wzc was die terugblikt op zijn of haar leven: daar wisten ze alles van! “Dat doe ik voortdurend”, zei Werner, “in mijn hoofd”. In dit geval was die terugblik geheel ‘maakbaar’. Welke keuzes zouden ze maken? Welke invloed zouden hun beslissingen hebben op het uiteindelijke kortverhaal? Uit een twintigtal vragen die de fictieve studente hen bezorgde, koos elke bewoner willekeurig één vraag. Gaandeweg beslisten ze ook het geslacht, de naam en de leeftijd van het personage. Geleidelijk aan ontstond er een mens van vlees en bloed…

De bewoners waren benieuwd hoe Elvira met al die informatie aan de slag zou gaan. En daar deed A.I. zijn intrede: ik voerde hun antwoorden in ChatGPT in en vroeg er een kortverhaal van te maken. Het liet ons toe een sprong in de tijd te maken en de bewoners hun input terug te geven in de vorm van “Elvira’s” literaire creatie: ‘De Zee in Haar Hart’ (zie afbeelding).

Het werd stil… Ze stonden versteld van het resultaat. En van de snelheid ervan. Verschillende bewoners waren oprecht ontroerd om alle elementen die ze zelf naar voren hadden gebracht in een samenhangend geheel te zien dat steek hield en waarmee ze zich inhoudelijk verbonden voelde.

Er ontstond een gesprek over A.I., iets waar de meesten nog nooit over hadden gehoord, maar dat hen wel interesseerde, en dat ook vragen opriep, bedenkingen, reflecties, net zoals het dat bij velen van ons doet. “Het is zoals met alle uitvindingen”, besloot Werner: “Het is maar wat je ermee doet”. En daarmee was de kous af voor vandaag. Er moet iemand gevierd worden, en daar hadden ze geen A.I. voor nodig.

 








#25

*** PARKING ***

De bewoners van wzc Dageraad werden vandaag allemaal eigenaar van een auto: ze representeerden een jonge gast met een raceauto, een vrijgezelle dame met een roze kever, een drukke werkman met een bestelwagen, een chique heer in kostuum met een Ford Mustang uit ’64, een arme kerel die zijn zus overal naartoe moest rijden in zijn 2PK-tje, een jong gezin met twee kinderen op de achterbank, enzovoort. Eén ding hadden ze gemeen: ze stonden geblokkeerd op een parking.

Langs 4 zijden - zo bedachten de bewoners - was het parkeerterrein omgeven door een ziekenhuis, een school, een shoppingcenter en een straat. Het spreekt voor zich dat de parking druk bezocht werd. Zo druk zelfs dat de dokters, ambulanciers, leerkrachten, winkeliers en zelfs de plaatselijke politieagenten er genoeg van hadden. De auto’s zorgden voor chaos, er waren foutparkeerders, de spoeddienst werd geblokkeerd, kinderen en leerkrachten kwamen te laat op school door de drukte, de shoppers overspoelden de parking, de politie werd voortdurend opgetrommeld… Als protest barricadeerden ze samen de op- en afrit van de parking. Maar onze auto’s stonden er wel nog op!

De bewoners ontpopten zich tot een team van bemiddelaars dat tijdens een crisisoverleg oplossingen bedacht voor het debacle: voor de school kwam er een ‘kiss & ride’-zone, zodat ouders niet meer hoeven te parkeren, maar meteen kunnen doorrijden. De parking werd betalend, en met de opbrengsten namen ze een parkeerwachter in dienst die het vlotte verkeer verzekerde. Zowel het ziekenhuis als de school en het shoppingcenter kregen een aantal privé-plaatsen toegekend voor het personeel. En op de langere termijn - zo sloten ze een akkoord met de stad - werd er een extra verdieping gebouwd om de parkeerplaatsen te verdubbelen. Kortom, het was een drukke voormiddag. “Zo complex”, zei Werner voor hij vertrok, “blij dat dat opgelost is voor de lunch”.








#24

*** ZOO #2 ***

Het team van dierenverzorgers kreeg vandaag bezoek van een Radio 2-reporter(-in-role): hun park, ‘De Ark van Noah’, werd immers uitgeroepen tot beste dierentuin van Vlaanderen! De verzorgers werden geïnterviewd over hun aanpak en ervaringen, deelden anekdotes en introduceerden hun nieuwste aanwinst: drie Afrikaanse gnoes. Kort daarna maakten ze kennis met de directeur van een ander dierenpark: de ‘Zoo van ’t Stad’. Daar ging het minder goed: de directeur ontving een brief van de dierenbescherming dat hij, na verschillende controles, zijn park moest sluiten. Het ging al een tijdje bergaf met de zoo, en het feit dat China haar panda’s terugeiste - de grootste trekpleister van de dierentuin - was de doodsteek, volgens Jos. Uit bezorgdheid ging het team in gesprek met de directeur (Jos-in-role) en werkte een overnameplan uit: dankzij privé-sponsors deden ze een bod van 1 miljoen euro, stelden ze voor een aantal dieren tijdelijk onder te brengen in een zoo in Wallonië (voor een kweekprogramma), mocht de directeur als onderdirecteur aanblijven en werd het overblijvende personeel verzekerd van een job. Dat plan moest Jos toch even overleggen met zijn personeel. Het miljoen en zijn eigen positie lieten hem koud: ‘zijn mensen’ moesten meebeslissen over de toekomst van de zoo én die van henzelf!

Een jaar later was de ‘Zoo van ’t Stad’ - dankzij het team (én Jos) - weer een bloeiend bedrijf dat druk bezocht werd: een bedrijf met aandacht voor natuur, mens en dier…




#23

*** ZOO #1 ***

“ZOO”, een prentenboek van Anthony Browne, katapulteerde de bewoners vandaag in weer een nieuwe wereld. Ze creëerden samen een dierenpark naar eigen ontwerp en goeddunken, een groene oase die helemaal was ingesteld op het welbevinden van de dieren:

Werner werd de verzorger van de apen. Acht om precies te zijn. Hij kon hun verblijf rustig betreden: ze kenden hem: “als je je bescheiden opstelt en geen oogcontact zoekt, zit er niks van agressie in”.

Nicole zorgde voor de vier beren: bij hen mocht je niet zomaar het verblijf in! Ze zaten niet voor niets in de afdeling ‘gevaarlijke dieren’ van het park.

Georgette had weinig onderhoud aan haar vijf papegaaien, maar ze moest hen wel de nodige bezigheid geven zodat ze zich niet verveelden: anders plukten ze zichzelf kaal.

Marc had van zijn olifanten wel eens een slag van een slurf gekregen en werd erdoor omvergekegeld: een risico van het vak.

Benny voederde al vijftien jaar lang de tijgers, drie keer per dag. Het slachthuis in de buurt moest voortdurend vlees aanleveren: “met veel vet eraan!”

Frieda had vijf landschildpadden en vijf waterschildpadden onder haar hoede: veel werk was dat niet. Ze had hun traagheid geleidelijk aan overgenomen.

Maria was verantwoordelijk voor de konijnen, één kleintje en drie volwassen langoren. Ze deelden hun verblijf met de schildpadden, daar keken haar konijnen nauwelijks naar om. En beide diersoorten verwerkten heel wat groenafval van de cafetaria: handig!

Jos borstelde zijn honden élke dag. Ze liepen vrij rond in het park, maar konden zich ook terugtrekken in een verblijf waar de bezoekers er niet bij konden: heel belangrijk voor wanneer ze het geaaid en opgetild worden even beu werden.

Véronique had een speciaal systeem om haar drie buffels te voederen: een soort luik dat ze kon openen en sluiten om zich veilig in hun verblijf te begeven.

En Eugène tenslotte had zijn handen vol aan de pinguïns, ook al waren ze maar met vier. Ze spatten zoveel water tegen de ramen dat hij die voortdurend moest poetsen. Maar als ze vis uit zijn hand kwamen eten, was die ergernis gauw vergeten…

Kortom, een gewone dinsdag in woonzorgcentrum Dageraad ;-)







#22

*** DEMOCRATIE ALS LEVENSKUNST ***

De vloek van Ansbrugghe was verbroken: de bewoners konden het dorp - dat al zo lang was afgesloten van de rest van de wereld - eindelijk verlaten. Maar dat was buiten de poortwachter gerekend. Die hield de inwoners alsnog tegen aan de grens. Daar had hij goede redenen voor, zei hij. De inwoners zouden spijt krijgen van hun beslissing: zó goed ging het er niet aan toe in de buitenwereld! Hij wilden hen alleen maar beschermen… “Nogal paternalistisch”, merkte Jos fijntjes op. De burgemeester van Ansbrugghe stuurde het Dageraad-team een brief met een vraag om te bemiddelen. Verschillende teamleden spraken met de poortwachter en bepleitten het recht op vrijheid en zelfbeschikking van de inwoners.

 

We maakten een sprong in de tijd en bedachten enkele toekomstscenario’s voor Ansbrugghe. Werner lanceerde het beeld van Ansbrugghe als een soort Disneyland dat onbewoonbaar was geworden en onder de voet werd gelopen door toeristen. Georgette voorspelde dat Ansbrugghe een Vlaams dorp als vele andere zou worden, waar iedereen vrij is om te gaan en te staan waar die wil. Maar volgens Jos werd Ansbrugghe een dictatuur onder het strenge bewind van de poortwachter: de grenzen bleven gesloten! Met de jaren werd de poortwachter weliswaar milder. Er was hoop voor de toekomst…

 

Het grote voordeel van drama is dat we de (fictieve) wereld kunnen creëren die we ons wensen*: het Dageraad-team koos op democratische wijze - met een overweldigende meerderheid - dat Ansbrugghe een Vlaams dorp werd als vele andere. En zo werd 1 april de Dag van de Bevrijding: de democratie zegevierde! Een wens die velen ook voor de ‘echte wereld’ uitspraken, ook al was democratie niet de makkelijkste keuze, maar “een levenskunst” (dixit Werner).

 

*’A vision of the possible’ (Heathcote & Bolton, 1995)

 




#21

*** DIT HELPT! ***

De bewoners en ik stonden er versteld van hoe vandaag alles in de plooi viel. Irene had vorige week aangegeven dat ze enkele vrouwelijke inwoners van Ansbrugghe - ons denkbeeldige dorp - wilde ontmoeten. Tot nu bedachten we immers een zwerver (Luc), een kasteeleigenaar (Alex) en een koster (William). Het evenwicht werd hersteld via een klein muziekdoosje, een mandje met Paasdecoratie en een tekening op de muur. Als vanzelf ontstonden Elly, Mariette en Lisa-Ellen. De eerste was een muzikante van 38 met twee kinderen (de tweeling Bas en Adriaan). Mariette (45) woonde op een boerderij met veel dieren. Ze hield van feesten en was erg handig. Lisa-Ellen tenslotte, een 43-jarige onderwijzeres, gehuwd met Jef, had geen kinderen en was verzot op lezen. In het dorp circuleerden er de vreselijkste roddels over haar. Zo vreselijk dat de politie een onderzoek was gestart om te zien wat er van waar was… 

De bewoners kwamen erachter dat Luc en Alex aan de oorzaak lagen van de ‘isolatie’ van Ansbrugghe. De rijkste en de armste inwoner van het dorp hadden elkaar leren kennen op café en vonden aansluiting in hun drang naar vrijheid: waar de ene overtuigd was dat je met geld vrijheid kocht, zocht de andere net vrijheid in afstand doen van al het materiële. Samen gingen ze te ver in hun zoektocht naar een parallel universum, dat voor hen symbool stond voor de ‘ultieme vrijheid’. Datzelfde universum strafte hen voor hun onbezonnenheid: ze werden beroofd van hun vrijheid, en met hen, hun hele dorp. Sindsdien kon niemand Ansbrugghe dus nog in of uit.

De Dageraadbewoners ontdekten hoe Ansbrugghe en haar bewoners bevrijd konden worden uit hun vloek. Net zoals bij het betreden van de parallelle wereld golden er ook drie regels om Ansbrugghe te verlaten:

  • Blijf niet in het verleden hangen, maar kijk naar de toekomst: maak jezelf en anderen geen verwijten voor wat achter je ligt;
  • Geloof en vertrouw in jezelf;
  • Wees eerlijk.

Op die manier zouden niet alleen Luc en Alex vergeven kunnen worden voor hun onbezonnen zoektocht, maar zou ook Lisa-Ellen van alle blaam gezuiverd kunnen worden, en lag de toekomst open voor alle inwoners van Ansbrugghe.

 

Na afloop zei Werner me, als iedereen al vertrokken was en hij me hielp op te ruimen: “Ik probeer zo hard om volgens die regels te leven, maar ‘weten’ en ‘in praktijk kunnen brengen’, dat is toch nog iets anders.” En vervolgens spraken we over hoe moeilijk hij het vond om niet te blijven malen over zijn verleden en de moed te vinden vooruit te kijken. “Maar dit helpt!” besloot hij. Hij gaf me een stevige schouderklop en vervolgde zijn medebewoners naar de lunch.

 










#20

*** IK WORD OPGETILD IN HET VERHAAL ***

Vandaag kreeg Ansbrugghe twee ‘nieuwe’ inwoners: Alex, een rijke 48-jarige kasteeleigenaar die een groot schip bezit en die gek is op cigarillo’s, en William, de 60-jarige koster van Ansbrugghe die zijn hele volwassen leven al heiligenmedaillons verzamelt. Allebei lijken ze een verband te hebben met de verliefde zwerver die het team vorige week bedacht. Maar wat hun connectie precies is, dat blijft voorlopig nog een mysterie. Net als de reden waarom Ansbrugghe afgesloten is van de rest van de wereld… To be continued!

 

Op het einde reflecteerden we over de sessie(s) en werd ik geraakt door de rijkdom die de bewoners er, soms in enkele spaarzame woorden, aan verbonden. Hoe ze genoten van de nieuwe werelden die ze samen creëerden, hoe het herinneringen uit hun eigen leven naar voren bracht, hoe “het licht aangaat” tijdens zo’n sessie en hoe ze die lichtheid meedragen na afloop, hoe sommigen ’s avonds in bed terugdenken aan het verhaal en verder fantaseren, hoe ze dit nooit alleen zouden kunnen, maar dankzij de anderen… Ze drukten hun ervaringen ook uit via de “Blob Tree” (Long & Wilson, 2008): “Het begin van een groep”, “omdat hij heel hoog zit”, “ik word opgetild in het verhaal”, zijn slechts enkele van hun toelichtingen, die ook mij op wolkjes doen lopen en het gevoel geven dat je door het activeren van kunstzinnigheid bij anderen wel degelijk een positieve verandering kunt teweegbrengen (Booth, 2023).

 








#19

*** ANSBRUGGHE, HET VERLOREN DORP ***

Vorige maand maakten de bewoners van wzc dageraad kennis met Ansbrugghe, een denkbeeldig dorp dat zich in een parallel universum bevindt. Ze kraakten de code om naar die andere wereld te reizen en gingen akkoord met de drie voorwaarden die de poortwachter stelde (maar die ze zelf bedachten) om Ansbrugghe te mogen betreden: (1) centen meebrengen om Ansbrugghe te verrijken, (2) de rust & kalmte van het dorp respecteren, en (3) goede bedoelingen hebben. Eens aangekomen ontmoetten ze de burgemeester en bedachten ze oplossingen voor de vele problemen waar het verloren dorp mee te kampen had: van het tekort aan medicijnen tot de verveling van de dorpsbewoners. Maar waarom Ansbrugghe precies afgesneden is van de rest van de wereld, blijft voorlopig een raadsel.

Vandaag bedacht ‘het team’ een unieke dorpsbewoner: een zwerver die verliefd werd op de dochter van de parkwachter, maar die geen geld had om een ring te kopen zodat hij haar ten huwelijk kon vragen. De vader van het meisje wees de zwerver hardvochtig af, maar dat was buiten zijn rebelse dochter gerekend. Die nam de benen en ging er samen met haar zwerver vandoor. Maar waar naartoe? Ze zaten toch opgesloten binnen de grenzen van hun parallelle wereld? Nee hoor. Bleek dat de zwerver een weg naar buiten kende! De rusthuisbewoners interviewden de zwerver - gerepresenteerd door één van hun medebewoners. Die bedacht ter plekke dat hij op een oud dorpsschilderij in het museum een geheime steeg had ontdekt waarlangs hij kon ontsnappen. Maar dat kon alleen als je er sterk in geloofde. Hij bewaarde het geheim lange tijd omdat hij hield van de kalmte van het dorp en de rust niet wilde verstoren. Trouwens, wie zou hem geloven? En zonder geloof, kom je niet buiten. Gelukkig geloofde zijn verloofde voluit in hem…

Wat een verhaal! Eentje dat zich plots ontvouwde tijdens het laatste kwartiertje van onze dramasessie, die daarvoor rustig en kabbelend verliep, net zoals het leven in het verloren dorp.

 




#18

*** TE SNEL BOVEN WATER ***

Begin 2018 ging ik samen met een klas 8- en 9-jarigen aan de slag met een context die Tim Taylor ontwikkelde rond de Titanic. Vandaag deed ik dat met een groep 80- en 90-jarigen. Fysiek gaf dat een andere dynamiek, maar qua engagement moesten de bewoners van het woonzorgcentrum niet onderdoen voor de jonge garde. In die mate zelfs dat ik even moest pauzeren, niet om uit te rusten, maar omdat de emotionele betrokkenheid en de identificatie die plaatsvond zo groot werd. De bewoners deelden hun kennis over de ramp en ontdekten nieuwe feiten. Al gauw werden ze ingeschakeld door een museum om artefacten te bestuderen die diepzeeduikers uit het scheepswrak hadden opgevist. De levens van bemanningsleden en reizigers uit de 1ste, 2de en 3de klasse werden gereconstrueerd en in beeld gebracht: van de zaklamp waarmee een bemanningslid tot op het laatst op zoek was gegaan naar reizigers in de donkere gangen van het schip, tot de viool die deed herinneren aan vrolijker tijden; en van de koffer die gevuld werd met spullen om een nieuw leven te starten in Amerika, tot één van de eerste pocket camera’s waarmee foto’s werden gemaakt in het restaurant die nooit zouden ontwikkeld worden.

We werden er een beetje stil van. De bewoners reflecteerden nog even over de ramp en over de actualiteit: “We zitten eigenlijk op de Titanic”, zei Werner, “als je ziet wat er allemaal gebeurt in de wereld vandaag.”

Stilte.

En toen zei Georgette: “Gij waart wel heel vlug boven water toen je die voorwerpen opdook. Lag dat wrak niet kilometers diep?”. Dat zorgde terug voor een glimlach. Ik moet toegeven: mijn identificatie met een diepzeeduiker was wellicht iets minder grondig geweest dan die van hen…

 












#17

*** ZOU JIJ INSTAPPEN? ***

Er was eens een klein treinstation dat lang geleden werd gesloten. Het was ooit een levendige plek waar mensen vertrokken en aankwamen, vol dromen en verhalen. Na vele jaren gaat het station weer open: een oude stoomtrein zal nog één keer reizigers vervoeren naar een bijzondere bestemming.

 

“Zou jij instappen?”

 

De bewoners besloten - op één na (“wie weet naar waar rijdt die!”) - de sprong te wagen. Angèle wuifde ons uit. Ze wou eerst wel eens zien wat er stond te gebeuren…

De reizigers besloten wat ze wilden meenemen. Maar er was maar één koffer, dus uiteindelijk beperkten ze zich allemaal tot één item en stopte dat in de koffer: geld, hun ticket, een zonnebril, zwemgerief en een handdoek (ze leken vrij gerust in de bestemming), een toiletzak, lunch, stevige schoenen, een gsm, een hoed en een propere broek. Vervolgens beschreven ze het veranderende landschap dat ze door het raam aanschouwden. Het was duidelijk dat ze België verlieten. Er kwam douane op de trein die paspoorten en bagage controleerde en de reizigers ondervroeg of ze niks hadden aan te geven. Eentje had vier pakken sigaretten bij zich en moest flink argumenteren om die te mogen behouden (“Maar ik heb daar papieren voor bij!”). De groep besloot vervolgens waar ze wilden afstappen: in een stad, aan zee of in het bos. Tweederde koos voor de zee, de anderen voor het bos. Ze maakten een foto die ze als postkaartje naar elkaar opstuurden: de ene groep zonnebadend op het strand, de andere een pintje drinkend op een terras na een fikse boswandeling. Ze schreven er ook een warme wens bij. Bij het terug naar huis keren, kozen ze één aandenken om mee te nemen, van plaatselijke lekkernijen tot kleine souvenirtjes.

 

Ze hadden met volle teugen genoten van de reis. “Ik wil nog wat langer blijven”, zei Georgette, waarop ze veel bijval kreeg van de anderen. Ik stelde hen dezelfde vraag als in het begin: wat als je kunt kiezen om voor altijd hier te blijven of de laatste trein terug te nemen. “Zou jij instappen?”. Ze keerden vol overtuiging met zijn allen terug naar huis.

 

De reis bracht veel fijne herinneringen boven: van een treinreis naar Zwitserland - op de slaaptrein (“maar veel werd er niet geslapen”) - tot de legerdienst in Duitsland, en van in het oog van een storm zitten op het strand van Domburg (“we dachten dat we gingen neergebliksemd worden!”) tot het slapen op de grond in een lage tent, omdat je de matras per ongeluk had lek geprikt.

 

Kortom, ‘another Tuesday morning’ in woonzorgcentrum Dageraad… ;-)

 






#16

*** ECHOTHEATER, part 2 ***

Smullen van frikadellen met kriekskes, dansen op Boney M., samen ‘k Zie zo Gere mijn Duivenkot’ zingen, onze zorgen uiten over Trump en over Congo, de kerstboom blussen… Het was weer een drukke sessie. Zo lijkt het toch. Op het moment zelf lijken de grote kleine levensverhalen eerder gezapig te passeren: alsof mijn reflectie achteraf actiever is dan de beleving zelf. Dat maakt me soms onzeker en doet me nadenken over de manier waarop de deelnemers en ik kijken naar de drama-sessies en hoe we deze ervaren.

Enkele jaren geleden ontwierpen onderzoekers ‘Aesthetic Perspectives’ (foto): een figuurlijke bril waardoor je naar ‘Kunst voor Verandering’ kunt kijken. Het is een bril die ook andere invalshoeken onder de aandacht brengt dan de meer traditionele om naar artistieke creatie(s) kijken. Wat er wekelijks gebeurt in het woonzorgcentrum vind ik hierin terug. Meestal uit zich dat in kleine dingen, maar niettemin vergen ze inspanning en moed van alle betrokkenen.

 

#15

*** ECHOTHEATER ***

Het was een blij weerzien -na 4 weken- met de bewoners van woonzorgcentrum Dageraad! We doken vandaag in het ‘echo-theater’, waarbij de deelnemers al improviserend persoonlijke verhalen van hun medebewoners naspeelden en daarop reflecteerden. Ze gaven elkaar een rol in hun verbeelde herinnering en werden zo toeschouwer van een scène uit hun eigen verleden. Zo zag Marc zich weer op de dag van zijn 18de verjaardag ’s ochtends stoer naar het leger vertrekken (‘ik voelde me een échte man’) en afscheid nemen van zijn ouders (‘ik zag dat mijn mama zich sterk hield’). Hij herkende de weinige woorden die gewisseld werden in de scène. Eugène zag zich weer als 17-jarige in de fabriek aan de lopende band dekseltjes op chocopotten draaien, en keek toe hoe zijn baas aan het einde van de werkdag kwam zeggen dat ze ‘niet meer nodig’ waren omdat machines voortaan hun taak zouden overnemen (‘dat was toch wel schrikken’). Georgette ontving weer cadeautjes op het feest van haar plechtige communie en at gretig van de kroketjes en de taart aan de feestdis (‘wij hadden een bakkerij, dus er was keus genoeg aan taart!’). De bewoners kozen allemaal een denkbeeldig stuk: van biscuit tot rijstvlaai en van mokka- tot krieken- of appeltaart. Benny ontsnapte dan weer aan de catecheseles als 12-jarige en zag zich opnieuw flink op zijn donder krijgen van zuster Frida en meneer pastoor (‘maar in het echt waren die nog veel kwader!’). Het verhinderde hem niet om te blijven spijbelen (‘het was maar kantje boord dat ik mijn communie mocht doen’). Horen, zien en voelen: het zorgde voor kleine unieke momentjes die voor verbinding zorgden op velerlei manieren…

 






#14

*** HET IS HIER GOED ***

In de verhalen die de bewoners vandaag verzonnen, speelden een dief de hoofdrol die een bloem stal die niet kon verwelken, een dansende jonge vrouw die in een zeemeermin veranderde (en haar leven lang op zoek bleef naar een zeemeerman), een meisje met vlechten op een camping die zelf halssnoeren maakte, een superheld die alles tot leven bracht wat hij tekende, een razende koningin die haar kostbare servies gereduceerd zag tot een vork en een lepel, enzovoort. Maar toen kwamen we tot de vaststelling dat we weinig rekening hielden met het ‘wanneer’ van onze verhalen. We ontwierpen een teletijdmachine met een eenvoudig deken op de grond en ‘straalden’ enkele bewoners naar een tijd naar keuze om verslag uit te brengen van hun ervaringen. Opvallend was dat de enkele bewoners die de reis aandurfden allemaal naar de toekomst reisden en daar een positief beeld over schetsten. Niks wereldschokkends, maar er bleek een tevredenheid met waar ze zich nu bevonden en hoe ze zich voelden. Dat mocht best nog een tijdje zo blijven duren…

 



#13

*** PUDDING VAN GEVOELENS ***

“Drama bestaat uit een pudding van drie soorten gevoelens: sommige zijn positief, andere negatief en weer andere zijn niet goed of slecht, maar geven wel aanleiding tot actie’, liet Dorothy Heathcote - de bedenkster van Mantle of the Expert - ooit optekenen*. Vandaag gebruikte ik zo’n ‘pudding’ om samen met de bewoners twee verhalen te maken:

#1 In het eerste speelde André de hoofdrol, een man van 40 die in het park geïntrigeerd geraakt door Jan, een kranige 80’er, die er op een heuvel een indrukwekkende, maar onbekende sport beoefent. André kijkt zijn ogen uit en wil graag meedoen, maar hij durft de druk in de weer zijnde Jan niet te storen. Tot Jan zelf vanuit een ooghoek de interesse van André opmerkt en met hem in gesprek gaat. Hij nodigt André uit om mee te doen (‘vervuld verlangen’), maar al snelt merkt die dat hij niet over de lenigheid en conditie van de 80-jarige beschikt (‘machteloos’). Jan oordeelt niet (‘neutraal’), maar past zijn bewegingen aan zodat André weer mee kan. Er groeit een vriendschap uit de ontmoeting, en de twee blijven wekelijks afspreken om hun zelfbedachte sport verder op punt te zetten…

#2 Bij het tweede verhaal vertrokken we van een zakje oude wasspelden (met dank aan Kris Philips). Door het materiaal te bekijken, te ruiken en te voelen ontstond het verhaal van een huisvrouw van rond de 50 in het begin van de jaren 1930: Elisabeth hing voor het eerst in lange tijd weer babykleertjes op in haar tuin. Ze was net oma geworden en om haar dochter een handje te helpen had ze aangeboden de was op zich te nemen (‘nuttig’). Terwijl ze de houten spelden over de sokjes en luiers aan de lijn schoof, bekroop haar een onbehaaglijk gevoel (‘jaloezie’): waar was de tijd dat zij nog de zorg voor zo’n klein hummeltje helemaal op zich kon nemen? Het was de zaligste tijd die Elisabeth zich kon herinneren. Maar tegelijk genoot ze van de zorg die ze vandaag nog steeds kon dragen voor haar dochter, die toch ook altijd haar ‘hummeltje’ bleef, hoe groot ook… (‘verantwoordelijk’)

*Wagner, B.J. (1976) Dorothy Heathcote: Drama as a Learning Medium. London: Trentham Books, p. 69.

 








#12

*** ZE ZIJN ONTSNAPT!!! ***

Een kort filmpje van meer dan 50 jaar oud, meer was er niet nodig vandaag om de bewoners ertoe aan te zetten een spoedvergadering te houden: hoe krijgen we die bavianen terug in het safaripark? Alle mogelijke betrokkenen werden in kaart gebracht en al gauw werd er een procedure ontwikkeld om de crisissituatie aan te pakken. Het omroepsysteem van het park zou de buurtbewoners waarschuwen om ramen en deuren dicht te houden. De pers werd ingeschakeld en een noodnummer gecommuniceerd. Het ‘rampgebied’ werd tijdelijk afgesloten en een reddingsteam ging achter de ontsnapte apen aan, vergezeld van de verzorgers waarmee de dieren vertrouwd zijn. Het kwam erop aan de ‘leader of the pack’ te lokken en dan zou de rest wel volgen! En natuurlijk moest er nadien wat aan de omheining gebeuren…

Tenslotte werd het team uitgenodigd in een talkshow op tv om hun actie toe te lichten. Het was hun eerste reddingsoperatie, zeiden ze, maar niet hun laatste! Als vanzelf trokken ze de mantel van een team van experten aan, dat heel rustig bleef onder de vragen van de interviewer, en na afloop geamuseerd de ‘echte wereld’ weer instapte. Toen het tijd was voor de lunch verlieten de bewoners schuifelend en rollend mijn imaginaire tv-studio en drukte de laatste me op het hart: “Ik voel mij zo vaak afgesloten van de wereld, maar nu was ik er weer efkes bij!”, waarna hij mijn hand zowat plat kneep.

 

#11

*** IK VERSTA DE BOER NIET ALTIJD GOED ***

Vandaag liet ik me opnieuw inspireren door Tim Taylor en zijn boek TRY THIS dat hij schreef samen met Viv Aitken. We bestudeerden afbeeldingen en gebruikten onze verbeelding om werelden tot leven te brengen. Zo bekeken we een foto van kinderen die tijdens WOII geëvacueerd werden uit de grote steden en naar het platteland werden gebracht om ze te beschermen tegen mogelijke bombardementen. De bewoners identificeerden zich met de jonge kinderen die op het punt stonden om hun ouders te verlaten en naar een gastgezin gebracht te worden ‘op den boerenbuiten’. Ze verwoordden gedachten en gevoelens van de kinderen en schreven samen deze brief naar het thuisfront:

 

Liefste mama & liefste papa

 

We zijn veilig en goed aangekomen.

Ik hoop dat jullie het ook wel stellen.

We krijgen lekker eten.

We zijn met open armen ontvangen.

Ik ga hier naar school en het is allemaal heel leuk.

Ik versta de boer niet altijd goed,

maar de boerin is een hele lieve.

We mogen veel met de dieren bezig zijn

en maken veel kameraadjes op school.

Maar toch zou ik graag snel naar huis komen

en terug bij jullie zijn.

Zo spoedig mogelijk!

Ik hoop jullie vlug terug te zien

in goede gezondheid.

 

Kusjes, Vince

 

Het gesprek dat erop volgde ging over vluchtelingen en Oekraïne, over hoop en wanhoop, over oorlog en vrede, over dankbaarheid en gastvrijheid, over angst, moed, leven en overleven…


#10

*** RESTAURANT CHAOS ***

Met hun filmscenario van ‘Het Zaagblad’ vorige week bewezen de bewoners een sterk team van screenwriters te zijn. Deze week werd hun hulp ingeroepen door de CEO van een filmstudio. Zo bedachten ze de komedie ‘Restaurant Chaos’ waarin een criticus de keuken van Sergio kwam beoordelen. Hoewel zo ongeveer alles misliep, wist Sergio toch een subliem dessert tevoorschijn te toveren dat de criticus omverblies. In ‘The Missing Patient’ speelde dan weer meneer De Vries de hoofdrol: een patiënt die wraak nam op het zorgpersoneel voor de slechte zorgen die hij ontving. Hij vermomde zich als dokter om ongezien het personeel te saboteren… Gelukkig bleek uit de gesprekken met de bewoners dat dit geen reflectie was over hun eigen ervaringen…

 








#9

*** HET ZAAGBLAD ***

Sommige sessies vergen veel energie, van de bewoners, maar ook van mij: om tot werkelijke interactie te komen, om mensen actief te laten participeren. Vandaag was zo’n dag. We kwamen traag op gang. Maar niettemin ontstond er iets. En van daaruit plots meer en meer. Bijna als een verrassing… De bewoners praatten over films waar ze van hielden: van ‘Jaws’ tot ‘Titanic’ en ‘Mamma Mia!’ Ze herinnerden zich films die ze als kind zagen op school. En samen verzonnen we nieuwe films: over het leven van ‘Michelangelo’, of het komische ‘De Dunne en de Dikke gingen Koren Pikken’, en ook ‘Het Zaagblad’. Die laatste was een spannende film waarin een timmerman ‘met een hoek af’ de hoofdrol speelde. Met zijn zaagblad maakte hij een totem uit een boom: een ‘ode aan de doden’: doden waaraan de lokale gemeenschap niet herinnerd wilde worden, omdat ze die doden bij leven niet zo netjes behandeld hadden. Ze smeedden een plan om de timmerman buitenspel te zetten en overliepen de mogelijkheden: ‘ophangen’, ‘opsluiten’, ‘verbannen’… Ze besloten tot het laatste. Ze grepen de timmerman bij zijn kraag en leidden hem naar een woud, zodat hij zich daar - ver weg van de gemeenschap - kon uitleven met zijn zaagblad. Na een tijdje beseften ze dat ze daarmee ook een waardevol ambachtsman kwijt waren, en ze kregen spijt van hun beslissing. De timmerman die op eigen houtje ;-) op kousenvoeten terugkeerde naar de gemeenschap werd verrassend uitbundig onthaald. Eind goed, al goed!

De bewoners gaven gestalte aan twee scènes uit de film: ze maakten een film still van de verbanning en eentje van de terugkeer. Ze kregen daarbij de kans om ieder een gedachte of een gevoel te verwoorden van hun ‘personage’. Het ontroerde enkele bewoners - zowel spelers als toeschouwers - tot tranen toe.

Daarna ontving ik ze in een talkshow en interviewde ik hen als een collectief van scenarioschrijvers. Ze vulden elkaar perfect aan, complimenteerden een teamlid voor zijn bijdrage en kondigden reeds een volgend project aan…

 



#8

*** HET DIERENASIEL ***

We waren met veel vandaag: 15 om precies te zijn, zowel anciens als enkele nieuwe deelnemers, klaar ‘om verhalen te maken’. Ik sprak over hoe we met onze drama-ogen dingen kunnen zien die er in werkelijkheid niet zijn, maar waarvan we bereid zijn om even te geloven dat ze dat wel zijn. Ik hield mijn handen in een kommetje en gaf ‘iets’ door aan Nicole. ‘Ooh, een poezeke!’, riep Maria vertederd. Maar toen Nicole het doorgaf, werd het plots een hondje voor Georgette. ‘Twee hondjes!’, zei Frieda. En vervolgens transformeerde de lucht die we doorgaven in een konijntje, een biggetje, twee papegaaitjes… Het bracht mij op het idee een context te introduceren die ik ooit eerder uitprobeerde met jongeren en met collega’s: ‘misschien kunnen we een dierenasiel runnen? Eéntje van topkwaliteit!’ De bewoners bedachten wat we daar allemaal voor nodig zouden hebben, en wat voor accommodatie we moesten voorzien. Ze namen beslissingen over welke dieren de ‘Ark van Noah’ - zo doopten ze het asiel - opving, over de indeling, over wie zich waarover ontfermde (van receptie, tot onderhoud en verzorging). Vervolgens maakte ze kennis met de conciërge die hen hun denkbeeldige ‘beepers’ teruggaf na reparatie. Wat voor geluid maakte zo’n beeper en voor welke situaties zou die gebruikt kunnen worden? Hoe reageer je eigenlijk als zo’n ding afgaat? Binnen de kortste keren werd het team ‘ge-beept’ en haastte het zich naar het asiel: de dierenbescherming had melding gemaakt van verwaarloosde dieren die moesten opgevangen worden. Ze bepaalden een strategie en verdeelden de taken.

Zo prachtig om te zien hoe hun verbeelding sommige bewoners buiten het woonzorgcentrum bracht en hen een status toebedeelde die vaak tot hun verleden lijkt te behoren. Het dierenasiel gaf enkele van hen zichtbaar vleugels, ook toen ze weer de echte wereld instapten. Ik liep zelf op wolkjes naar huis…

 





#7

*** NIEUWS VAN DE DAG ***

De bewoners van wzc Dageraad maakten vandaag hun eigen nieuws. Ze gingen aan de slag met krantenkoppen uit DeMorgen, maar maakten er hun eigen verhalen van. Dat leverde soms treffende, soms grappige, soms droevige, soms poëtische resultaten op.

Een bloemlezing:

“Mensen beseffen niet hoe slecht… de wereld is” (‘Dat betekent dat ze over het algemeen positief ingesteld zijn!’)

“Ik zie heel weinig maatregelen om… besparingen te doen”

“Als je politici hoort, merk je… dat ze een mozaïek vormen van verschillende kleuren, vormen, tonen.”

“Wat als mijn kind… in behandeling is voor dyslexie?”

“Werkgeluk is meer dan… thuisblijven!”

“Foo Fighters nemen pauze na nieuws over… publiek dat verklaart dat ze niet erg goed kunnen zingen”

“Als Trump wint… is dat een wurging aan het positief creatieve leven”

“Waarom Donald Trump bang is van… de waarheid”

Het leverde eens te meer boeiende gesprekken en levensverhalen op. Vaak interessanter dan de originele nieuwsberichten…

 

#6

*** VILLA AGATHA, THE END ***

Voor we aan de sessie begonnen, raakte ik in gesprek met een bewoner die worstelt met beginnende dementie. ‘Ik ben verdwaald in mezelf’, zei hij en hij lichtte in scherpzinnige bewoordingen toe wat dat voor hem betekende. Hij drukte zich ook beeldend uit en toonde me een map met zijn verzameld werk. De vertel- en dramasessies boden hem een nieuwe creatieve uitlaatklep nu tekenen en schilderen moeilijker werd. Zijn map werd een kostbaar relikwie. En zo startten we vanuit wat er voor eenieder van ons belangrijk is om te bewaren in ons huis/ onze ‘villa’/ onze kamer: duivenringen van grootvader, een tinnen kan, een oude kast, maar ook kostbare items waarvan de precieze locatie niet onthuld werd. Alsof het lot een handje toestak, trokken de bewoners de kaart van een detective die, zo verzonnen ze, de sleutel had gevonden van de brandkast onder de keldertrap van Villa Agatha. Daarin lag een geldbeugel die lang geleden gestolen was. Jefke, een vroegere bewoner van de villa die zich de beugel had toegeëigend, had het op een rennen gezet zodra het te heet werd onder zijn voeten…

De bewoners beeldden zich in - met een sleutel in de hand - dat ze één van de vroegere bewoners van de villa waren en deelden wat er volgens hen mee moest gebeuren: ‘afbreken’, zei de een. ‘Er zelf in gaan wonen’, zei de ander. Maar de meesten pleitten voor een sociale invulling: een (te)huis voor wezen, voor armen, voor ouden van dagen, voor mensen die het mentaal moeilijk hebben… Ze bespraken hun voorstellen met de (fictieve) eigenaar van het pand, die hen bedankte om de historiek van de villa bloot te leggen en voor hun ideeën. Eén bewoner verwoorde het zo: ‘de verhalen van de vroegere bewoners getuigen van een sociaal verleden, misschien moet de villa ook maar een sociale toekomst krijgen’. En zo geschiedde. Villa Agatha zou voortaan niet meer bekend staan als dat mysterieuze pand met een bedenkelijke geschiedenis, maar als een sociaal opvanghuis voor ieder die het nodig heeft…




#5

Ons imaginaire huis werd vandaag weer twee bewoners (of ex-bewoners) rijker. Aan de hand van enkele kaarten die ze trokken, stelden Eugène, Marc, Frieda, Benny, Meentje, Werner, Christine, Georgette, Jeanine, Maria en ik het verhaal samen van een priester die ooit de villa bewoonde: een vrolijk, aimabel man die stond te springen om mensen gelukkig te maken. Met een boek onder de arm - “en dat was zeker niet altijd een bijbel!” - liep hij mensen tegemoet om hun kleine en grote problemen op te lossen. Zonder dat hij het wist, bracht hij wonderen teweeg in zijn gemeenschap en ver daarbuiten. Het maakte dat hij na zijn overlijden heilig werd verklaard: met aureool en al! Een andere bewoner belichaamde een meer duistere geschiedenis van het huis: het was een misbruiker die het huis werd uitgegooid en die, zich diep schamend voor zijn daden, een tijdlang rond de villa bleef zwerven, schreeuwend: “Hij die zonder zonde is, werpe de eerste steen!”.

De verhalenvertellers schrokken weerom van hun eigen fantasie. “Gij zijt ne speciale, zunne,” zeiden ze, de verantwoordelijkheid voor hun verbeelding een beetje van zich af schuivend… ;-)







#4

*** IRMA ***

Vandaag bracht de (fictieve) eigenaar van de villa een bezoek aan de bewoners en bedankte hen voor het ontrafelen van enkele mysteries. Ze bevroegen hem over zijn plannen met het huis en over zijn groottante, Irma, die het hem had nagelaten. Hij vertelde over haar passie voor boeken en haar zoektocht naar ‘antwoorden’ in het leven. In haar bibliotheek vond hij een bijzonder exemplaar: een boek dat geen antwoorden verschafte, maar vragen stelde. Het was een kistje in boekvorm waar Irma briefjes had ingestopt waarop ze allerlei vragen had neergepend. De bewoners gingen akkoord om er enkele te beantwoorden, als een soort van eerbetoon, maar ook omdat niet alle wijsheid uit boeken te halen valt… Zo kwamen we te weten dat Georgette zich in haar leven het meest zorgen had gemaakt over haar kleine, oude huis in Borgerhout, dat ze door de hoogoplopende kosten wel moest verkopen om te verhuizen naar een appartement. Werner deelde dat de plek waar hij zich het veiligst voelde ‘in het gebed’ was. Hij liet diep in zijn ziel kijken en droeg spontaan een ‘gedicht-gebed’ voor dat hij zelf had geschreven. De andere bewoners werden er stil van. Tot Jos vertelde over het aardigste dat iemand ooit voor hem had gedaan: hem meegenomen op de prachtigste wandeling in het Boheemse Woud in Tsjechië toen hij een jaar of 30 was; een pracht die hij zich nog steeds voor de geest haalde. “Als ik een kunstwerk was, zou ik een schilderij zijn”, zei Nicole, die vervolgens beschreef hoe ze een jonge, Rubensiaanse versie van zichzelf zag afgebeeld; een portret vanaf haar middel, toonde ze vanuit haar rolstoel.

En zo geraakte ook dit boek geleidelijk aan, gevuld met antwoorden…





#3

*** GIJ MAAKT VAN IETS FIJNS, IETS RIJKELIJKS ***

We kwamen langzaam op gang vandaag: enkele ‘regulars’ konden er niet bij zijn, een nieuwe bewoner sloot aan, de dynamiek was een beetje zoek… Maar geleidelijk aan geraakten we op dreef. De bewoners ontwierpen ‘JEFKE’, een man van 50 (“maar hij ziet er 62 uit!”). Hij bewoonde villa Agatha van 1890 tot 1910, samen met zijn vrouw, beslisten ze. Er gingen de wildste verhalen over hem de ronde: “Hij heeft een vriendin”, zei Georgette. “Én een vriend!” voegde Maria er met een ondeugend lachje aan toe. “Hij kan zijn pollen niet thuishouden”, vulde Marc aan. Jefke bleek ook een gevaar voor de katten in de buurt: “Hij kan heel agressief zijn!” Tenminste, dat waren de roddels van de buren. De bewoners representeerden de buren terwijl ik hen - als Jefke -  ’s morgens begroette op straat. Ze waren poeslief. En vervolgens overlegden ze als buren met elkaar. Eén van de bewoners vertolkte de vrouw van Jef en lichtte een tipje van de sluier. En zo ontstond er opnieuw een verhaal over een vroegere bewoner van de mysterieuze villa, één die in 1910 samen met zijn vrouw het huis, en zo de roddels van de buurt, ontvluchtte. “Maar,” zo beslisten ze samen op het einde, “minstens de helft van de roddels bleken waar te zijn!”.

En toen was het etenstijd. Werner was er niet goed van. Hij bleef nog even zitten, om te bekomen. “Zo lenig dat ge dat doet”, zei hij. “Gij maakt van iets fijns, iets rijkelijks.” En toen pakten we samen nagenietend mijn spullen in...








#2

De bewoners vonden een bestofte koffer in de kelder van hun zelfbedachte, mysterieuze huis. ‘Oh, die durf ik niet openmaken’, zei Meentje, ‘maar ik ben zo benieuwd naar wat erin zit!’ Werner nam de heldhaftige taak op zich en ontdekte een wollen deken, een deurklink, een kleine teddybeer, munten uit het VK en de VS, een foto met opschrift in een kader, een sierlijk oud bestek, een lege fles gin en een klein beeldje. Aan de hand van die spullen trachtten we de eigenaar van de koffer te typeren. Wat er ontstond was opnieuw een verhaal over geliefden die elkaar zoeken en vinden: Louis was een oude koloniaal die in Congo een zwarte vrouw leerde kennen en er een kind mee kreeg, Peter (‘op zijn Engels uitgesproken!’). Aan het einde van de kolonisatie keerde Louis door omstandigheden alleen terug naar België, om al heel gauw opnieuw te vertrekken op zoek naar vrouw en kind… De bewoners bedachten een verklaring voor elk voorwerp in de koffer: het leek een puzzel die in mekaar viel. Alleen over het einde moesten ze nog een beslissing nemen. ‘Ik wil zó graag dat ze elkaar terugvinden’, zei Rita. En zo geschiedde: samen met Peter leefde het koppel nog lang en gelukkig in Villa Agatha. Er volgde een spontaan applaus van Maria: ‘oh, ik ben zo blij’, zei ze opgelucht. ‘Wat een mens toch kan meemaken…’




#1

*** VILLA AGATHA ***

Vandaag sleutelden we verder aan ‘Villa Agatha’, het huis dat de bewoners van wzc Dageraad bedachten en dat rijk is aan mysterie. Waarom zoveel sleutels voor het beperkt aantal kamers bijvoorbeeld? Er was blijkbaar veel dat achter slot en grendel bewaard diende te worden: ‘geld’, ‘goud’, ‘juwelen’, ‘diamanten’ en ‘obligaties’, maar ook ‘foto’s’, ‘bekentenissen’ en ‘familiegeheimen’ (‘meneer pastoor kwam wel érg vaak op bezoek!’). Ze vonden ook een envelop geadresseerd aan ‘Julia’, maar de brief die erin zat was blanco. Die gaven ze zelf inhoud… En zo kreeg een liefdesverhaal vorm van twee mensen die een leven lang naar elkaar verlangden: de ene zoekend, de ander wachtend. Hun ontknoping was ontroerend en verrassend tegelijk, zowel voor hen als voor mij.

‘Hoe kan het dat wij dat zelf verzonnen hebben?’, vroeg Meentje, en ‘amai, mijn hart. Ik krijg er de tranen van in mijn ogen’. Ze schuifelde de kamer uit met haar rollator en herhaalde een paar keer voor zichzelf: ‘eerste liefde vergeet je niet’…